De gemeenteraad van Westerkwartier overweegt een wijziging in de Onderzoeksverordening uit 2019. Het voorstel is om het college van burgemeester en wethouders jaarlijks te laten onderzoeken of het beleid effectief en efficiënt wordt uitgevoerd. Dit zou een verandering betekenen van 'periodiek en naar behoefte' naar 'jaarlijks'. Het besluit hierover wordt verwacht op 15 mei 2024.
Politiekverslaggever Rijk de Bat
Tijdens de raadsvergadering van de gemeente Westerkwartier werd er stevig gedebatteerd over het voorstel om de Onderzoeksverordening uit 2019 aan te passen. Het voorstel houdt in dat het college van burgemeester en wethouders jaarlijks moet onderzoeken of het beleid effectief en efficiënt wordt uitgevoerd. Dit zou een verandering betekenen van de huidige formulering 'periodiek en naar behoefte' naar 'jaarlijks'.
Klaas-Wybo van der Hoek van GroenLinks, die ook namens de Partij van de Arbeid sprak, uitte zijn zorgen over de uitvoering van de motie die eerder door de raad was aangenomen. "De motie vraagt om een jaarlijks onderzoeksplan, maar dat plan is in het voorstel van het college verdwenen," aldus Van der Hoek. Hij benadrukte het belang van een dergelijk plan om de beloftes aan de inwoners te controleren.
D66, vertegenwoordigd door meneer Van 't Land, sloot zich aan bij de zorgen van GroenLinks en benadrukte het belang van een meerjarige doorkijk naar de onderwerpen die op de agenda komen. "Het is mooi om te zien dat er nu een onderzoeksagenda is opgesteld, maar het is belangrijk dat er ruimte blijft voor actuele onderwerpen," voegde hij toe.
Jeroen Betten van de VVD vroeg zich af of het college de capaciteit heeft om elk programma en elke paragraaf jaarlijks te onderzoeken. "Dat is nogal een positie werk," merkte hij op. Hij was ook benieuwd of er een onderscheid wordt gemaakt tussen wettelijke en niet-wettelijke taken, vooral gezien de mogelijke financiële problemen die de gemeente te wachten staan.
René de Vink van Sterk Westerkwartier deelde de zorgen van zijn collega's en vroeg zich af waarom onderzoeken langer zouden doorlopen bij beperkte financiële middelen. "Als ik beperkte middelen heb, kan ik het korter doen," stelde hij.
Bert Nederveen van de ChristenUnie, de portefeuillehouder, reageerde op de zorgen door te benadrukken dat het college een mix van interne en externe onderzoeken zal uitvoeren. "We kiezen ervoor om twee onderzoeken bij een extern bureau neer te leggen," legde hij uit. Hij verzekerde de raad dat de onrust over het ontbreken van onderzoeken in het verleden nu achterwege kan blijven.
Het debat eindigde met de conclusie dat het voorstel als bespreekpunt zal worden behandeld in de raadsvergadering van 15 mei 2024. GroenLinks overweegt nog een amendement in te dienen om het belang van een jaarlijks onderzoeksplan te benadrukken. "Wij denken altijd nader na," besloot Van der Hoek.
Samenvatting van het voorstel
De gemeenteraad van Westerkwartier overweegt om de Onderzoeksverordening uit 2019 te wijzigen. Het voorstel is om het college van burgemeester en wethouders jaarlijks te laten onderzoeken of het beleid effectief en efficiënt wordt uitgevoerd. Dit betekent dat in artikel 2 van de verordening 'periodiek en naar behoefte' wordt vervangen door 'jaarlijks'. De raad kan altijd een oordeel geven als het college besluit een jaar geen onderzoek te doen, ook al staat dit niet expliciet in de verordening. De aangepaste verordening zou in werking treden na bekendmaking. Het besluit hierover wordt verwacht in een vergadering op 15 mei 2024.
Documenten
-
Analyse van het document
Analyse van het Raadsvoorstel: Onderzoeksagenda 2024-2025
Titel en Samenvatting:
De titel van het voorstel is "Onderzoeksagenda 2024-2025". Het voorstel beoogt de Onderzoeksverordening van de gemeente Westerkwartier uit 2019 te wijzigen. De belangrijkste wijziging is dat het college jaarlijks een onderzoeksplan moet voorleggen in plaats van 'periodiek en naar behoefte'. Dit plan moet onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid bevatten. De raad heeft de mogelijkheid om een oordeel te geven als het college besluit een jaar geen onderzoek te doen, hoewel dit niet expliciet in de verordening wordt opgenomen.
Oordeel over de volledigheid:
Het voorstel is redelijk volledig, maar mist een expliciete opname van de mogelijkheid voor de raad om een oordeel te geven als er geen onderzoek wordt uitgevoerd. Dit kan leiden tot onduidelijkheid over de rol van de raad in dergelijke situaties.
Rol van de Raad:
De raad moet het gewijzigde voorstel goedkeuren en heeft de bevoegdheid om een oordeel te geven over de onderzoeksagenda, vooral als er geen onderzoek wordt uitgevoerd.
Politieke Keuzes:
De raad moet beslissen of zij akkoord gaat met de jaarlijkse verplichting voor het college om een onderzoeksplan voor te leggen en of zij de huidige formulering zonder expliciete vermelding van hun oordeelsrecht voldoende vinden.
SMART Analyse en Inconsistenties:
Het voorstel is specifiek en meetbaar in termen van de jaarlijkse verplichting. Het is echter minder specifiek over de inhoud van de onderzoeken en de criteria voor het niet uitvoeren van een onderzoek. Er zijn geen duidelijke tijdsgebonden doelen voor de evaluatie van de onderzoeksresultaten.
Besluit van de Raad:
De raad moet besluiten om de wijziging van de Onderzoeksverordening vast te stellen, zoals voorgesteld door het college.
Participatie:
Het voorstel vermeldt geen specifieke participatie van burgers of andere belanghebbenden in het opstellen of uitvoeren van de onderzoeksagenda.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd als een onderwerp binnen dit voorstel. De focus ligt op doelmatigheid en doeltreffendheid van beleid.
Financiële Gevolgen:
Het voorstel bespreekt niet expliciet de financiële gevolgen of hoe eventuele kosten voor de onderzoeken worden gedekt. Dit kan een belangrijk aandachtspunt zijn voor de raad bij de besluitvorming.
-